Meewerkstage

Meewerkstage

De meewerkstage kan op verschillende momenten in je studieloopbaan plaatsvinden. Studenten die in het eerste jaar van de opleiding de propedeuse hebben behaald lopen in de tweede helft van het tweede jaar stage. De studenten die de propedeuse pas in jaar twee halen, lopen de eerste helft van het derde jaar stage. Het bedrijf waarbij de student stage gaat lopen zoekt hij/zij zelf. Er zijn verschillende sites waar stageplekken aan worden geboden door bedrijven. Ook bedrijven die niet op deze lijsten staan mogen gebruikt worden als stageplek. De stageplek moet wel minstens tien medewerkers hebben en beschikken over minstens één communicatiemedewerker.

Uren

het is de bedoeling dat de studenten vijf maanden lang stage lopen. Het aantal uren dat er per week gewerkt wordt, hangt af van het stagebedrijf. Vanuit school wordt er verplicht om minimaal 32 uur per week stage te lopen. Er is geen maximum aan verbonden. Dit houdt in dat wanneer het stagebedrijf vraagt om meer dan 40 uren te werken, de student dit ook doet. Dit in goed overleg.

Opdracht

Tijdens de stage moet de student een stageopdracht uitvoeren. Deze opdracht verschilt per bedrijf. Vanuit school krijgen de studenten een aantal richtlijnen mee. Tijdens de stage moeten zij deze richtlijnen volgen om tot een goede stageopdracht te komen. De vrijheid in deze stageopdracht komt vooral vanuit het bedrijf. Het stagebedrijf geeft de studenten de opdracht om het een en ander te doen aan bijvoorbeeld de website, posters, brochures, folders of tijdschriften. Hoe de student dit invult maakt voor de school niet uit.

Eigen ontwikkeling

De meeloopstage is er vooral om de ontwikkeling van de student te stimuleren. Aan het einde van de opleiding moet de student een afstudeerstage doen. Hier moet de student alles zelf kunnen. Daarom is het van belang om tijdens de meewerkstage aan de slag te gaan de eigen ontwikkeling.